zondag 15 december 2013

Echo: waar is het alternatief voor riooljournalistiek?

Gisterenavond bladerde ik vluchtig door De Echo, een stadsblad waarvan elke week dertigduizend exemplaren door de brievenbussen van de Amsterdamse wijken Rivierenbuurt en Buitenveldert worden gepropt. Een weinig verhelderende leesgewoonte, die ik tweewekelijks onderneem omdat vooralsnog het initiatief ontbrak om mijn brievenbus van reclame te vrijwaren. Een schamele poging om schuldgevoel en luiheid te maskeren dus. Shame on me.

Ik las dat tram 25, de tram die het dichtst bij mijn huis stopt en naast door toeristen ook gretig gebruikt wordt door vergrijsde bewoners, sinds vandaag niet meer rijdt. De petitie die ik ondertekende mocht dus niet meer baten, triest. Toen viel mijn oog op het artikel ‘Buurt reageert op autovrij F. Bol’ en zakte mijn humeur echt onder het vriespunt. Waar ik een stukje over verontwaardigde winkeliers en opgeluchte ouders verwachtte, las ik met groeiende verontwaardiging hoe een autovrije winkelstraat gekoppeld wordt aan uitgeprocedeerde asielzoekers die moeten opzouten. En dat GroenLinks haar boze plannen maar diep in de grond steekt, ‘dan kunnen normaal levenden [sic] mensen hun ding doen’. Gratis en voor niks wordt deze haatzaaiende riooljournalistiek in dertigduizend brievenbussen gestoken. Ik wil niet weten hoeveel ‘normaal lezenden' instemmend knikken. Shame on them.

Toen ziekte mij in juni dwong om thuis te blijven, bleef ik het liefst op veilige wandelafstand van huis. Stapsgewijs maakte ik de cirkel groter. Best frustrerend voor een wereldbestormer, maar ik leerde na drie jaar eindelijk de Rivierenbuurt kennen. Nu weet ik dat er op de Rijnstraat tai chi-lessen gegeven worden door Pien, die op een holistische manier naar de klachten van haar deelnemers kijkt. De fijne, rustige ruimte waarin ze de lessen geeft, wordt als de nieuwe website klaar is ook verhuurd aan mensen met andere talenten. Tegenover Pi-energy vind je de biowinkel. Daar verkopen ze de lekkerste havermoutkoeken van Amsterdam en in de tuin mogen buurtbewoners hun zaadjes planten en zien groeien. Mijn nieuwe overburen nodigden een aantal weken geleden tientallen bewoners van de straat uit voor een kommetje pompoensoep op de stoep. Ik bleef die vooravond zo lang kletsen en aperitieven, dat de herfstgroenten in mijn oven flink gekaramelliseerd waren toen ik thuis kwam. 

Waar lees ik deze verhalen? Of is de vraag: hoe krijgen we deze verhalen in zestigduizend oren gelepeld? Ik zou eerlijk gezegd al blij zijn met een stuk of honderd mensen, die samen de andere kant belichten én belichamen. Ik ken studenten die er een app van kunnen maken, ben bevriend met schrijvers én fotografen, heb de wil om de reeds bestaande Facebookpagina van de buurt onder de aandacht te brengen en mijn liefste buurtbewoners aan te spreken. Allemaal binnen handbereik. Misschien is de volksmond binnenkort dan vol van 'transitie' en 'geefpleinen', ipv 'uitgeprocedeerden' en 'profiteurs'. Goede vriend en schrijver Dirk Elst deed het in de Vlaamse kuststad Oostende. Hij maakte er samen met de stadsbewoners een krant, die deze week verspreid wordt. Zijn enige deontologische code was de lach. 'Geen gescheld of provocatie, maar ontwapening en misschien wat prettige desoriëntatie.' Ja, het is leuk om in je eigen buurt te verdwalen.

De Echo? Deze uitgave van De Telegraaf weerkaatst misschien andere angsten, maar niet de mijne. Dus morgen fiets ik langs het stadsdeelkantoor om eindelijk de sticker te halen die ongeadresseerde reclame uit mijn brievenbus weert. Niet alleen de bomen zullen er baat bij hebben. En dat cirkeltje wordt weer wat groter, op een fijne manier.



Geen opmerkingen:

Populaire berichten